Daar gaan we weer. Zodra de gemeente financiële ruimte zoekt, komen voorzieningen voor ouderen al snel ter discussie te staan. Dit keer is het gratis openbaar vervoer weer aan de beurt. De VVD Barendrecht wil de regeling beperken tot ouderen met een laag inkomen. Wie daar net boven zit, moet voortaan zelf zijn busrit betalen. De opbrengst? Die moet naar de algemene reserve van de gemeente.
Waarom moet de bewegingsvrijheid van ouderen worden ingeperkt om de gemeentelijke spaarpot te vullen?
Gratis openbaar vervoer is voor veel ouderen geen luxe, maar een belangrijke voorwaarde om zelfstandig en actief te blijven. Even naar het centrum, boodschappen doen, op bezoek bij familie of vrienden. Het zijn alledaagse dingen die vanzelfsprekend lijken, totdat je afhankelijk wordt van anderen om ergens te komen.
Juist daarom is mobiliteit zo belangrijk. Het helpt ouderen zelfstandig te blijven, sociale contacten te onderhouden en eenzaamheid tegen te gaan. Dat zijn geen bijzaken, maar zaken die rechtstreeks raken aan de leefbaarheid van Barendrecht.
Toch kiest de VVD voor een beperking op basis van inkomen. Alsof daarmee automatisch duidelijk is wie de voorziening wel en niet nodig heeft. Maar een inkomen vertelt lang niet alles. Een oudere met een redelijk pensioen kan te maken hebben met hoge woonlasten, medische kosten of andere financiële verplichtingen. Op papier lijkt er misschien voldoende ruimte, maar de werkelijkheid kan heel anders zijn.
Bovendien: waarom zouden we een algemene voorziening veranderen in een regeling waarbij ouderen eerst moeten aantonen dat ze financieel kwetsbaar genoeg zijn om ervoor in aanmerking te komen? Dat levert extra controles, bureaucratie en mogelijk onnodige drempels op.
Maar het meest veelzeggende aan het voorstel is misschien nog wel waar het bespaarde geld naartoe moet: de algemene reserve. Niet naar extra ondersteuning voor ouderen, niet naar de aanpak van eenzaamheid en ook niet naar betere bereikbaarheid van voorzieningen. Het verdwijnt simpelweg in de gemeentelijke financiële buffer.
Natuurlijk moet Barendrecht financieel gezond blijven. Een gemeente moet rekening houden met tegenvallers en toekomstige risico's. Maar reserves zijn geen doel op zich. Ze zijn er om de gemeente weerbaar te maken wanneer dat nodig is. Hoe noodzakelijk is deze extra financiële ruimte en waarom zou die ten koste moeten gaan van een voorziening die dagelijks bijdraagt aan de zelfstandigheid van inwoners?
De VVD noemt het kostenefficiënter maken van de regeling. Dat klinkt verstandig, maar goedkoper is niet automatisch beter. Wie alleen naar de begroting kijkt, ziet de maatschappelijke gevolgen gemakkelijk over het hoofd. Wat levert het de gemeente daadwerkelijk op en wat verliezen ouderen ervoor terug?
Nederland heeft jarenlang ingezet op langer zelfstandig wonen en actief deelnemen aan de samenleving. Dan is het op zijn minst merkwaardig dat we in 2026 voorzieningen die dat mogelijk maken, weer ter discussie stellen. Niet omdat ze niet functioneren, maar omdat er ergens op de begroting een besparing te halen valt.
Op 3 november moet de gemeenteraad daarom verder kijken dan het bedrag dat met deze maatregel kan worden bespaard. Hoe groot is de financiële noodzaak? Welke risico's rechtvaardigen deze ingreep? En is de opbrengst werkelijk in verhouding tot de gevolgen voor ouderen?
Gratis openbaar vervoer is geen overbodige luxe die je zonder gevolgen kunt schrappen. Het is een voorziening die mensen de mogelijkheid geeft eropuit te gaan, zelfstandig te blijven en deel te blijven uitmaken van de samenleving.
Uiteindelijk gaat deze discussie over een politieke keuze. Wat vinden we als Barendrecht belangrijker: een hogere algemene reserve of het behoud van een voorziening die ouderen helpt hun zelfstandigheid en bewegingsvrijheid te behouden?