Inmiddels zijn er weer maanden verstreken. Kinderen die geboren werden toen het verzoek (september 2024) voor de kliko-tegel werd ingediend, gaan bijna naar school zou haast je zeggen. Maar de tegel? Die blijft nog steeds onvindbaar.
Waar vorig jaar nog voorzichtig werd gehoopt op een ambtelijke doorbraak, lijkt de kliko-tegel inmiddels dezelfde status te hebben bereikt als een betaalbare koopwoning in Barendrecht: iedereen heeft ervan gehoord, niemand heeft hem ooit gezien.
Ondertussen blijven sommige bewoners nog steeds worstelen met een bijna onmenselijke opgave: ongeveer vijftig verder meter lopen naar "de" geschikte plek voor hun kliko waar eigenlijk iedereen al zijn kliko neerzet. Vijftig meter! "Waarom zou ik mijn kliko vijftig meter verplaatsen?" De kliko wordt gewoonweg strategisch midden op de stoep voor de deur wordt geparkeerd. "Ophalen, daar hebben we toch de gemeente voor, duh?" Dat terwijl de oplossing door het overgrote deel van de wijkbewoners zelf al wordt aangedragen. Participatie toch?
En daar komen we bij het tweede hoofdstuk van deze saga: het functioneren van de gemeente. Want als er één organisatie is die heeft bewezen dat tijd relatief is en disfunctioneert op dit onderwerp, dan is het wel de gemeente Barendrecht. Waar gewone stervelingen een tegel zien, ziet de gemeentelijke organisatie een multidisciplinair vraagstuk dat eerst door meerdere afdelingen, drie werkgroepen, een participatiepanel en waarschijnlijk ook een (dure) externe adviseur moet worden beoordeeld.
Misschien moeten we stoppen met spreken over een kliko-tegel. Misschien moeten we hem erkennen voor wat hij werkelijk is geworden: een monument voor bestuurlijk disfunctioneren. Een tastbaar bewijs dat zelfs de eenvoudigste oplossingen in Barendrecht kunnen uitgroeien tot een meerjarenproject.
Tot die tijd blijven de kliko's nog steeds staan waar ze staan, verspreid door de wijk tussen geparkeerde auto's, en blijven bewoners zeuren over die extra vijftig meter wandelen, is de irritatie bij de ophalers hoog en blijft de gemeente onderzoeken of de tegel daadwerkelijk, misschien, ooit of iets dergelijks geplaatst kan worden. Het antwoord laat zich al raden.