Vragen over horecabezoek, Roopram: miscommunicatie

11 June 2020, 17:28 uur
Algemeen
mainImage
Ingezonden
Reshma Roopram.

De EVB heeft in een brief vragen aan het college van b en w van Barendrecht gesteld naar aanleiding van een horecabezoek van een aantal raadsleden na de raadsvergadering van dinsdagavond 9 juni. Onder hen wethouder Roopram (PvdA, volksgezondheid) en een aantal raadsleden van coalitiepartijen in Barendrecht. Zij zouden zich in het etablissement aan de Middenbaan niet aan de strenge COVID-19 maatregelen hebben gehouden door binnen te dicht op elkaar te gaan zitten. Dit zou gebeurd zijn met een gezelschap van 7 mensen.

Bij het verlaten van de horecagelegenheid zou een gesprek plaatsgevonden hebben tussen wethouder Roopram en een medewerker van de horecagelegenheid. Daarbij zou de Roopram hebben aangegeven wethouder volksgezondheid te zijn. Hierop werd haar – volgens de EVB - gevraagd hoe het mogelijk is dat zij als wethouder volksgezondheid niet op de hoogte is van de COVID-19 maatregelen die door haar eigen college zijn ingesteld en worden gehandhaafd voor horeca. En waarom men zich daar met notabene een groep politici opzichtig niet aan hield. Haar antwoord zou zijn geweest: dat ‘alle restaurants net weer wat anders werken’ en dat ‘er momenteel veel gedoogd wordt door de gemeente’. 

Wethouder Reshma Roopram herkent zich niet in de beschrijving van de EVB: “Ik heb de brief via de media mogen ontvangen en heb deze gelezen. Natuurlijk sta ik achter de Covid-19 maatregelen en het uitdragen ervan. Ik betreur dat dit beeld is ontstaan, want naar mijn idee is er sprake van een miscommunicatie”.