Woningbouwplan Noldijk nog onzeker, gemeente onderzoekt haalbaarheid

31 oktober 2026, 9:53 uur
Lokaal
mainImage
PR

Het is nog onzeker of er woningen kunnen worden gebouwd aan de Noldijk/Boezemweg in Barendrecht. De gemeente onderzoekt of woningbouw op deze locatie wenselijk en haalbaar is. Ook het eerder genoemde aantal van ongeveer honderd woningen staat nog niet vast. Dat blijkt uit antwoorden van wethouder Lennart van der Linden op schriftelijke vragen van Barendrechts Belang.

Raadslid Carlebur stelde op 12 oktober vragen over de mogelijke woningbouwontwikkeling. Het initiatief komt van RoosRos Architecten, namens de grondeigenaren. Volgens de wethouder bevindt het plan zich nog in een vroege, verkennende fase. Er ligt nog geen concreet uitgewerkt plan en er is ook nog geen besluit genomen.

Het beoogde bouwgebied ligt volgens provinciale kaarten binnen het Groenblauwe Netwerk en de beschermingscategorieën 2 en 3. Of woningbouw daar verenigbaar is met de provinciale regels voor ruimtelijke kwaliteit en het behoud van de groene bufferfunctie, moet nog worden onderzocht.

Het initiatief omvat naast woningbouw ook de sanering van bestaande en voormalige kassen en verbeteringen op het gebied van landschap, waterberging, natuur en recreatie. De opbrengsten van de woningen moeten bijdragen aan de financiering van deze verbeteringen.

Hoeveel woningen er uiteindelijk kunnen komen, welke typen woningen worden gebouwd en hoe hoog de bebouwing wordt, is nog onduidelijk. Ook de verdeling over de gronden van Van de Heuvel, Gravestein en Diepstraten moet nog worden onderzocht. Daarnaast wordt gekeken naar een mogelijke samenhang met de Stationstuinen.

Verbinding tussen wijken

Een ander onderdeel van de plannen is een mogelijke verbinding tussen de Oranjewijk en Wevershoek. Volgens de wethouder moeten deze verbinding en eventuele recreatieve routes passen binnen het Groenblauwe Netwerk. De haalbaarheid, precieze invulling en mogelijke alternatieven zijn nog niet onderzocht.

Barendrechts Belang vroeg ook hoe de plannen zich verhouden tot eerdere uitgangspunten voor het gebied Gravestein. In 2022 werd onder meer het belang benadrukt van behoud van openheid, herstel van het landschap en beperking van extra verkeersdruk.

Volgens Van der Linden blijven deze uitgangspunten relevant. Bij een verdere uitwerking moet duidelijk worden welke gevolgen de ontwikkeling heeft voor het landschap, verkeer en de leefbaarheid.

Wethouder sinds 2024 betrokken

Uit de beantwoording blijkt dat Van der Linden in november 2024 voor het eerst door RoosRos Architecten namens de grondeigenaren werd benaderd. Hij heeft toen aangegeven dat participatie van omwonenden en belanghebbenden een voorwaarde is voor gemeentelijke toetsing. De wethouder zegt niet te weten welke reacties van omwonenden tot nu toe zijn ontvangen. "Dat weet ik niet, omdat het bij marktinitiatieven de verantwoordelijkheid van de initiatiefnemers is om participatie te organiseren. Niet die van de gemeente."

Volgens de gemeente heeft RoosRos Architecten, voor zover bekend, de omgeving al in een vroeg stadium geïnformeerd en aandachtspunten opgehaald. De gemeenteraad ontvangt een participatieverslag wanneer de plannen verder worden gebracht.

Bespreking uitgesteld tot januari

De wethouder had voorgesteld om de plannen op 24 november door de initiatiefnemer te laten presenteren aan de raadscommissie. De agendacommissie heeft echter besloten de behandeling pas in januari te agenderen.

Wanneer het college eventueel een principebesluit neemt, is nog niet bekend. Ook is onduidelijk wanneer de uitgewerkte plannen en onderzoeken beschikbaar komen.

De gemeenteraad krijgt volgens Van der Linden nog gelegenheid om zich over de ontwikkeling uit te spreken. Op grond van het gemeentelijke delegatiebesluit wordt de raad bij initiatieven van meer dan tien woningen om advies gevraagd.

Voordat de plannen verder kunnen worden gebracht, moeten ook de gevolgen voor verkeer, parkeren, geluid, waterhuishouding en landschappelijke inpassing worden onderzocht. Daarnaast wordt gekeken naar mogelijke bouwschade door heiwerkzaamheden, voorbelasting en zettingen.

Volgens de wethouder vindt de verdere beoordeling plaats binnen de geldende gemeentelijke en provinciale kaders. Een goede landschappelijke inpassing en de realisatie van een Groenblauw Netwerk zijn daarbij nadrukkelijke voorwaarden.