EVB stelt vragen over 7 moordpogingen in Barendrecht

5 May 2021, 15:38 uur
Lokaal
mainImage

De gemeenteraad van Barendrecht werd kortgeleden door burgemeester Jan van Belzen middels een raadsinformatiebrief geïnformeerd over de criminaliteitscijfers over het jaar 2020. Hierin spreekt de burgemeester positief over een aantal thema’s die volgens de cijfers een blijk van een goede uitvoering van beleid geven. Onze fractie constateert ook dat regelmatig de coronacrisis wordt aangehaald en als argument wordt gebruikt om bijvoorbeeld overlast van hangjongeren te duiden. Landelijk gezien is er in 2020 ook sprake van een verandering op het gebied van criminaliteit en een significante daling van een aantal delicten, waaronder woninginbraak. In de berichtgeving over de positieve criminaliteitscijfers lijkt de nuance te ontbreken dat corona hierbij een rol heeft gespeeld. Ook viel op dat er in Barendrecht in 2020 7 moordpogingen zijn geweest.

DE EVB-fractie heeft omtrent deze cijfers de volgende vragen aan het college gesteld:

Is het college bekend met het nieuwsbericht “Criminaliteit 2020: minder inbraak, meer cybercrime d.d. 15-01-2021” van de politie?
In hoeverre herkent u voor de Barendrechtse situatie de stellingname in dit artikel dat corona leidde tot een significante daling van onder meer woninginbraken?
Indien corona hierbij een significante rol heeft gespeeld, waarom ontbreekt deze nuance dan in de toelichting?
In de cijfers staat dat er maar liefst 7 ‘pogingen’ tot moord hebben plaatsgevonden in Barendrecht. Betreft dit slechts pogingen tot moord? Waarom wordt hier in de brief geen melding van gemaakt? Wat verklaart het hoge aantal pogingen, zeker in vergelijking met vorig jaar? Graag een uitgebreide toelichting.
In hoeverre speelt deze trend een rol bij de gedaalde geregistreerde fietsendiefstallen zoals we lezen in uw brief van 3 mei?
In hoeverre kan deze ontwikkeling een vertekend beeld geven van de werkelijkheid dat er een dalende trend in het aantal geregistreerde fietsendiefstallen is als gevolg van een goede uitvoering van het veiligheidsbeleid? Kunt u dit kwantificeren? En waarom ontbreekt deze nuance dan in bovengenoemde raadsinformatiebrief van 3 mei?