Tijdens de commissievergadering Wonen en Werken van 9 juni 2026 staan opnieuw belangrijke besluiten over De Stationstuinen op de agenda. Niet alleen de vaststelling van het bestemmingsplan voor de tweede fase wordt besproken, maar ook een begrotingswijziging voor het project. Daarmee wordt opnieuw duidelijk hoe groot en ingrijpend deze ontwikkeling voor Barendrecht is.
Niemand betwist dat er woningen nodig zijn. De vraag is echter of de huidige plannen nog aansluiten bij het karakter van Barendrecht.
De Stationstuinen wordt ontwikkeld als een hoogstedelijke woonwijk rond het station. Dat klinkt modern en ambitieus, maar Barendrecht is geen binnenstedelijk gebied van Rotterdam. Inwoners kiezen juist voor Barendrecht vanwege de ruimte, de bereikbaarheid en het relatief dorpse karakter. Met duizenden extra woningen op een beperkte oppervlakte ontstaat een dichtheid die veel inwoners ervaren als iets dat niet past bij de schaal van onze gemeente.
Ook de betaalbaarheid blijft een punt van zorg. Nieuwe woningen rond stationslocaties behoren doorgaans niet tot het goedkope segment. Voor veel starters, jonge gezinnen en inwoners die al jaren in Barendrecht wonen, rijst de vraag of zij überhaupt nog in aanmerking komen voor een woning in deze nieuwe wijk. De vrees bestaat dat De Stationstuinen vooral aantrekkelijk wordt voor hogere inkomens, terwijl de druk op de lokale woningmarkt voor de eigen inwoners blijft bestaan.
Daarnaast blijft parkeren een hoofdpijndossier. De plannen zijn gebaseerd op een autoluwe benadering waarbij bewoners minder afhankelijk zouden moeten zijn van de auto. Dat klinkt aantrekkelijk in beleidsstukken, maar staat ver af van de dagelijkse praktijk van veel Barendrechters. Mensen werken verspreid over de regio, brengen kinderen naar school, sportclubs of familie en zijn daarbij vaak afhankelijk van de auto. Minder parkeerplaatsen betekent niet automatisch minder auto's; het betekent vaak vooral meer parkeerdruk.
Het gevolg laat zich raden. Bewoners betalen straks niet alleen forse woonlasten, maar krijgen ook te maken met hoge parkeerkosten en beperkte beschikbaarheid van parkeerplaatsen. Dat is geen verbetering van de leefbaarheid, maar een verschuiving van het probleem.
De grootste zorg blijft echter het verkeer. Rond het station, de Carnisser Baan, de Dierensteinweg en de aansluitingen op de A15 en A29 staat het verkeer tijdens de spits nu al regelmatig vast. Met de verdere uitbouw van De Stationstuinen komen daar duizenden extra bewoners bij. De verwachting dat een groot deel van hen de auto laat staan, is een aanname die nog maar moet worden bewezen.
Wanneer die aanname niet uitkomt, dreigt precies waarvoor veel inwoners al jaren waarschuwen: een verkeersinfarct tijdens de ochtend- en avondspits. Wachtrijen, sluipverkeer door bestaande wijken en een verdere verslechtering van de bereikbaarheid zijn dan geen theoretische scenario's meer, maar dagelijkse realiteit.
De behandeling van het bestemmingsplan voor de tweede fase tijdens de commissievergadering van 9 juni markeert daarom een belangrijk moment. De gemeenteraad moet zich niet alleen afvragen hoeveel woningen er gebouwd kunnen worden, maar vooral welke gevolgen deze keuzes hebben voor de leefbaarheid van Barendrecht op de lange termijn.
De Stationstuinen kan een indrukwekkend bouwproject worden. Maar een indrukwekkend project is niet automatisch een passend project. Voor veel inwoners voelt het plan steeds meer als een stedelijk experiment dat beter past bij Rotterdam dan bij Barendrecht. En als betaalbaarheid, parkeren en bereikbaarheid onvoldoende worden meegewogen, dreigt een wijk te ontstaan die wel naast Barendrecht ligt, maar niet meer voelt als Barendrecht.