Door de jaren heen heeft het Zuidelijk Randpark in Barendrecht zich ontwikkeld tot een gebied waarvoor telkens nieuwe plannen worden gemaakt. Niet zozeer omdat het gebied zelf voortdurend verandert, maar omdat de bestuurlijke visie erop steeds een andere richting lijkt te krijgen.
Eerst waren er de plannen voor windmolens. Het Zuidelijk Randpark zou een zichtbare bijdrage leveren aan de energietransitie, waarbij duurzame energieopwekking een belangrijke plek zou krijgen in het landschap.
Nog voordat die plannen werkelijkheid werden, verscheen een nieuw perspectief: de KNVB Campus.
Barendrecht zou uitgroeien tot een nationaal voetbalcentrum, waar Oranje zou trainen en internationale jeugdtoernooien zouden plaatsvinden. De plannen straalden ambitie uit en kregen brede aandacht. Ook lokale EVB bestuurders verbonden zich zichtbaar aan het project. Dat is begrijpelijk; een ontwikkeling met landelijke uitstraling, miljoeneninvesteringen en nieuwe voorzieningen biedt kansen waar een gemeente graag mee wordt geassocieerd.
Uiteindelijk bleek de realisatie echter op praktische bezwaren te stuiten. Onder meer luchtkwaliteit, geluid en infrastructuur maakten de plannen minder haalbaar dan aanvankelijk werd gedacht.
Inmiddels dient zich opnieuw een andere bestemming aan: een asielzoekerscentrum.
De opvang van asielzoekers is een serieuze maatschappelijke opgave die om zorgvuldige afweging vraagt. Tegelijkertijd roept de opeenvolging van plannen de afgelopen 4 jaar de vraag op welke langetermijnvisie er eigenlijk voor het Zuidelijk Randpark bestaat.
Niet zozeer vanwege de afzonderlijke plannen, maar vanwege de steeds wisselende koers.
Heeft het Zuidelijk Randpark een duidelijke, eigen identiteit? Of wordt het gebied telkens opnieuw ingevuld met de op dat moment meest actuele politieke ambitie?
Misschien ligt daarin wel de kern van het debat. Niet de windmolens, niet de KNVB Campus en ook niet het AZC vormen op zichzelf de belangrijkste vraag. Het gaat om de manier waarop de toekomst van het gebied steeds opnieuw wordt ingevuld.
Een recreatiegebied verdient niet alleen nieuwe ideeën, maar ook een consistente langetermijnvisie. Zolang die ontbreekt, zal iedere nieuwe bestemming worden gepresenteerd als de oplossing van vandaag, totdat zich weer een volgende oplossing aandient.
Misschien is dat uiteindelijk de belangrijkste vraag die boven het dossier hangt: niet welke functie het Zuidelijk Randpark moet krijgen, maar welke visie de gemeente op de lange termijn met dit gebied heeft.