Afgelopen dinsdag was de opening van de Cultuurhaven: een nieuwe commissie die zowel de gemeenteraad als het college gaat adviseren over cultuur. Het was een groot evenement in de Maassilo, waar vrijwel de gehele Rotterdamse cultuursector aanwezig was. Een bijeenkomst waar lang naar was uitgekeken.
Voor wethouder Nunnely was het haar eerste grote openbare optreden richting de cultuursector sinds haar aantreden. Ze had meteen een ambitieus verhaal: ze wil Rotterdam de Culturele Hoofdstad van Europa maken.
Een uitspraak die bij veel aanwezigen de wenkbrauwen deed fronsen, en bij mij de vraag opwierp van welk geld zij dit wilde gaan betalen.
Den Haag heeft zich onlangs zeer verstandig teruggetrokken uit de race voor Culturele Hoofdstad 2033. Het is namelijk een zeer kostbaar Europees prestigeproject dat Rotterdam naar schatting 20 miljoen euro kan kosten. Dit terwijl onze ouderen moeten vrezen voor het behoud van hun gratis OV en er genoeg andere, veel urgentere problemen in onze stad zijn.
Voor mij reden genoeg om de wethouder hierover donderdag in de actualiteitenraad te bevragen.
Mijn aanvraag was nog niet verstuurd of ik werd al benaderd door de wethouder en verschillende medewerkers. Ik had het verkeerd begrepen. Het was allemaal een 'leuke uitspraak zonder inhoud', appte iemand mij zelfs.
Pardon? Van een wethouder verwacht ik dat zij nadenkt over haar woorden. Zeker als ze voor een zaal vol mensen uit de cultuursector grote ambities uitspreekt, en waar die mensen grote financiële belangen bij zouden hebben.
Tijdens het debat probeerden drie coalitiepartijen mij duidelijk te maken dat ik mijn debataanvraag had moeten intrekken. De wethouder had het achter de schermen immers al uitgelegd en daarmee had de kous af moeten zijn.
Zo werkt het niet. Een wethouder legt in het openbaar verantwoording af over haar uitspraken. Daarbij hoeven coalitiepartijen mij al helemaal niet uit te leggen hoe ik oppositie moet voeren, dat mag de oppositie zelf bepalen.
Uiteindelijk kon de wethouder ook tijdens het debat geen duidelijkheid geven over haar ambities. Wat wil zij eigenlijk met de Rotterdamse cultuur? Ze zit er inmiddels sinds juli en we leven alweer in november. Het wordt toch wel eens tijd dat er iets op tafel komt.
Om haar een handje te helpen, hierbij alvast wat suggesties. Want deze wethouder is tenslotte ook een beetje ónze wethouder:
Museum Boijmans uiterlijk in 2031 weer open.
Tot die tijd tentoonstellingen in het Schielandshuis.
De Dance Parade terug in 2027!
Culturele instellingen stimuleren meer eigen inkomsten te genereren, zodat er ruimte ontstaat voor vernieuwing.
Minder overhead in de cultuursector.
Eindelijk werk maken van een permanent festivalterrein.
Kijk, wethouder, dát zijn ambities waar Rotterdam iets aan heeft. Concrete doelstellingen waar Rotterdammers en de cultuursector op zitten te wachten.
Dus, aan de slag wethouder!
Ps. En let de volgende keer iets beter op uw woorden.