Robin van Persie heeft Feyenoord in 2018 talrijke vreugdevolle momenten bezorgd. Het is nog altijd een genot om hem te zien spelen. Meer dan eens was hij beslissend, met soms weergaloze acties. Van Persie is een verrijking voor de eredivisie in het algemeen, en Feyenoord in het bijzonder. Het is dan ook volkomen terecht dat hij bij uitwedstrijden vaak applaus krijgt van het thuispubliek. Robin van Persie is een sieraad voor het Nederlandse voetbal, en een prachtig uithangbord voor Feyenoord.

Sinds zijn terugkeer naar Rotterdam-Zuid, in januari dit jaar, laat Van Persie zich ook buiten het veld van zijn meest positieve kant zien. Dat begon meteen al bij zijn eerste persconferentie, toen hij met een lach van oor tot oor alle vragen beantwoordde. Het lijkt wel alsof hij zichzelf bewust van een totaal andere kant wil laten zien. Want zo opgeruimd en vrolijk als in de afgelopen elf maanden, hebben we hem nooit eerder gezien.

Het enige probleem is dat die positiviteit aan het doorslaan is. Deze zomer zei Van Persie bijvoorbeeld: “Waarom ik ooit ben begonnen met voetballen? Nou, dat is niet per se om een beker boven mijn hoofd te houden. De kern is plezier.” Naar de spelersgroep van Feyenoord toe was dit bepaald geen goed signaal. Natuurlijk is het mooi meegenomen als je plezier hebt in het voetbal. Maar onderaan de streep telt maar één ding: prijzen. Het is een gemiste kans dat Van Persie —met al zijn ervaring, en met zijn natuurlijke overwicht op al die minder ervaren ploeggenoten — niet juist dát punt naar voren heeft willen brengen. Presteren, dáár gaat het om.

Korte tijd later deed Van Persie er nog een flinke schep bovenop. De pass- en trapvormen op de training van Feyenoord zijn van “minimaal even hoog niveau als Arsenal of Manchester United”, zei hij. Dit was nota bene enkele dagen nadat Feyenoord met 4-0 van de mat was geveegd door het nietige AS Trencin uit Slowakije, en tot overmaat van ramp de competitie was begonnen met een schandelijke 2-0 nederlaag bij degradatiekandidaat De Graafschap.
En dan zulke complimenten uitdelen?
Dat is toch niet bepaald de manier om je medespelers op scherp te zetten. Zeker de huidige generatie, die na één behoorlijke wedstrijd meteen al met het hoofd in de wolken loopt, mag wel wat harder worden aangepakt.

Helaas blijft Van Persie maar doorgaan met dat positieve geleuter. Feyenoord speelde vorige week een prima eerste helft tegen PSV, en gaf dit donderdag een acceptabel vervolg tegen VVV. Als Feyenoord altijd zo speelt als in die eerste helft tegen de Eindhovense koploper, is de ploeg “wereldwijd” volgens hem onverslaanbaar. “En dat meen ik serieus. Als je zo speelt, maakt het echt niet uit tegen wie dat is, zelfs als Barcelona hier komt. Als je zo scherp en met zo veel druk vooruit speelt, maak je het hen ook moeilijk, daar geloof ik echt in”, aldus Van Persie deze week tegen Fox Sports.

Met dergelijke uitspraken slaat Van Persie echt he-le-maal door. Deze peptalk is misplaatst en op niets gebaseerd. Laat Feyenoord eerst maar eens een fatsoenlijke serie neerzetten. Als dit lukt, en als dan in januari 2019 in eigen huis ook nog de Amsterdamse aartsrivaal zou worden verslagen, mag Van Persie de loftrompet steken. Maar voorlopig is het beter om met beide benen op de grond te blijven staan. Geen woorden, maar daden. Als je zo hoog van de toren blaast met onrealistische teksten die niemand serieus neemt, vergroot je alleen maar je eigen afbreukrisico.

De journalist Boudewijn Warbroek (1963) bezoekt wedstrijden van Feyenoord sinds 1975. Hij werkt als vrijwilliger voor supportersmagazine Hand in Hand en Stadion Sport Nieuws, en schreef mee aan ruim tien boeken over Feyenoord.