Het is zondag precies honderd jaar geleden dat er een einde kwam aan de Eerste Wereldoorlog. Hoewel Nederland tijdens de Grote Oorlog van 1914 – 1918 neutraal bleef, is die periode niet onopgemerkt aan het land voorbijgegaan. Overal zijn deze maand bijeenkomsten, tentoonstellingen en symposia om WO I te herdenken.

In het Vredespaleis in Den Haag is zaterdag een conferentie over ,,het organiseren van vrede.” Onder anderen eurocommissaris Frans Timmermans en historica Beatrice de Graaf gaan in op de vraag of de na 1918 afgesproken vormen van internationale samenwerking op het gebied van vrede en stabiliteit, nog wel voldoen.

De congresdeelnemers gaan voor de conferentie begint naar het Visserijmonument in Scheveningen voor een herdenking van omgekomen vissers en zeelieden. Honderden van hen kwamen in de laatste jaren van WO I en daarna om het leven doordat hun schepen op zeemijnen liepen. Zaterdagavond leest Vincent Bijlo in het Vredespaleis frontbrieven en dagboekfragmenten voor tijdens het Concert te End All Wars. Dat concert wordt zondag in de Maartenskerk in Doorn herhaald. Die dag opent in Museum Huis Doorn ook de beeldententoonstelling Reflecties op WO I.

Nederland ving in die oorlog 1 miljoen burgers en 30.000 militairen uit België op, die op de vlucht sloegen voor de strijd in hun land. Als dank voor de opvang bouwden de Belgen een immens Belgenmonument in Amersfoort. De Belgische vluchtelingen werden ondergebracht in speciale woonoorden, zoals in Uden. In die Brabantse plaats gaat zaterdag een expositie open en wordt tot en met 25 november een toneelstuk over de Belgenopvang gespeeld.

De Duitsers wilden de vluchtelingen tegenhouden en spanden daarom van Vaals in Zuid-Limburg tot aan Cadzand in Zeeuws-Vlaanderen de zogeheten Dodendraad, een hoogspanningskabel waarop 2000 Volt stond. Deze ‘Draad des Doods’ eiste ruim duizend mensenlevens, ook al omdat elektriciteit aan het begin van de vorige eeuw nog een vrij onbekend fenomeen was. Schoolkinderen hebben dit najaar 150.000 krokusbollen langs het traject van de Dodendraad geplaatst, zodat vanaf komend voorjaar witte bloemen een aandenken vormen.

Toen Duitsland in november 2018 moest opgeven, trokken Duitse troepen zich vanuit België dwars door Limburg terug. Maaseik (België), Echt-Susteren en Selfkant (Duitsland) spelen die omstandigheden volgend weekeinde na. Dit weekeinde is er ook een bijeenkomst in het Zuid-Limburgse Eijsden, samen met Belgische buurgemeenten. Eijsden was ook de plek waar de verslagen Duitse keizer Wilhelm II zich in de vroege ochtend van 10 november 1918 meldde om asiel aan te vragen in Nederland. Hij zou tot aan zijn dood in 1941 in Huis Doorn wonen.

Bron: ANP