Een aantal dagen geleden zat ik – ondanks de aanwezigheid van Maarten van Rossum – te kijken naar De slimste mens.

Tegen het einde werd Thomas Verhaar, een profvoetballer van Sparta en één van de deelnemers, mondeling lastiggevallen.
De dame naast hem, de actrice Jaike Belfo, vertelde hem  graag uit te willen kleden.
Gelach op de tribune en verrast door de hartenkreet, gegrinnik bij het ‘slachtoffer.’
Ook Geer en Goor hebben vaak succes als ze een mannelijke deelnemer ‘een lekker ding of zoiets’ noemen.

Eigenlijk heel merkwaardig die reacties, want stel dat het hier geen geëmancipeerde vrouw of twee duidelijk homoseksuele lolbroeken waren geweest, die de opmerkingen maakten? Zouden de reacties ook zo mild zijn geweest als het een heteroseksuele man was geweest die een vrouw had aangesproken?

Toen ik nog als jong schoolmeestertje voor de klas stond, zag ik een duidelijk boze meneer door de gang lopen. Ik vroeg mijn klas “iets voor zichzelf te doen.” Op de gang riep ik de man aan of ik iets kon betekenen. Dat kon, want hij was op zoek naar die Zeurense, want zijn dochter had zich beklaagd over zijn gedrag. Ik maakte me niet bekend en vroeg wie zijn dochter was.

Na het antwoord keek ik op het rooster waar ze op dat moment was. “We gaan haar even halen”, zei ik.
Aangekomen op mijn kamer (ik was baasje in die tijd) vroeg ik: “Zo Daphne vertel eens wat ik zoal fout gedaan heb?”
Een spontaan gehuil was het resultaat.
Daar nam ik geen genoegen mee, want ze had thuis iets verteld, dat me niet zinde. “Ze zegt dat u haar lastig valt”, vertelde de enigszins verbouwereerde vader.
“Oh, en hoe doe ik dat dan Daphne?” vroeg ik.
Snikkend: “U kijkt me zo raar aan.”
“En verder?”, vroeg ik door.
“Nou verder niks.”
“Even je neus snuiten en terug naar je klas”, gebood ik.
Gegeneerd keek de vader naar de vloer en hij verontschuldigde zich zowaar.
“Ach“, zei ik, ”jonge meisjes zien wel eens dingen die er niet zijn.” (*)

Dat was ook de reden, waarom mijn wijze leraar pedagogiek op de Kweekschool altijd zei nooit met een meisje alleen in het lokaal achter te blijven om iets na te bespreken ofzo. ”Altijd anderen erbij en als het niet anders kan altijd de deur openlaten. Er wordt zo over je gesproken.” (het woord ‘geluld’ kwam niet over zijn beschaafde lippen).
Een goeie tip, die ik daarna ook altijd aan mijn stagiaires heb meegegeven.

Uiteraard las ik over het ontslag van Daniël Gatti bij het Concertgebouw orkest. Een resoluut besluit dat voor hem verregaande consequenties heeft, maar ik blijf twijfelen. “Niets is zo gevaarlijk als een versmade vrouw”, vertelde een oudere ervaren vriend me eens.

Toen (ver voordat Me Too een begrip werd) een bevriend Tweede Kamerlid mij vroeg wat ik van een ander Tweede Kamerlid vond dat inmiddels naar de Raad in Rotterdam was teruggekeerd, antwoordde ik oprecht: “Een l… met vingers.”

”Oh, je weet het”, zei hij. En na mijn vraagtekengezicht: “Nee ik heb het niet over politiek, maar over zijn gedrag. Hij kan zijn handjes niet thuis houden.”

Na zo’n waarschuwing ben je alert en ja hoor. Binnen een jaar een aantal duidelijke klachten. Eén ervan werd snel afgedaan met een excuus; ook omdat de man van het slachtoffer een nogal potige vent was die met één klap een os kan vellen.
Een maand later kwam een vrouw uit mijn zeer directe omgeving met de opmerking dat iemand geprobeerd had haar te zoenen. “Ik noemde de naam van betrokkene en kreeg tot antwoord: “Hoe weet je dat?”
Kortom de ene klacht na de ander.

Een vader kwam op ons kantoor met een heel duidelijk verhaal, dat zijn dochter was lastiggevallen. Hij wenste jammer genoeg geen aanklacht in te dienen. “Ik heb een zaak” was zijn verweer. Uiteraard was dit gedrag ook bekend binnen zijn politieke vriendenkring. Die hebben er iets anders mee gedaan dan te verwachten was en hem voorgesteld als jurylid bij de verkiezing van Miss Hindoestaans Rotterdam.
Geinig of zum Kotzen?

Het is maar hoe je het bekijkt en klaarblijkelijk ook van welke club je lid bent.
Daarom Me Too prima, maar niet selectief en uiterst voorzichtig.

(*) Een paar decennia later kwam ik Daphne tegen bij vrienden. Ze lachte en we herinnerden ons het voorval: “Ik was toen gek op je” zei ze: Met de nadruk op toen!