Met de keuze voor de bouw van een nieuw stadion begaat Feyenoord een historische blunder. De kans is groot dat de club hiermee zijn eigen doodvonnis tekent.

Formeel is nog niet uitgesproken dat de club instemt met de plannen voor Feyenoord City. Maar directeur Jan de Jong heeft zich deze week tijdens een bijeenkomst van de businessclub dermate positief uitgelaten, dat een andere conclusie niet mogelijk is: Feyenoord gaat ervoor.

Deze beslissing is om twee redenen dodelijk voor de toekomst van Feyenoord als voetbalbolwerk. Ten eerste wordt afscheid genomen van De Kuip. Alleen dat al, is reden genoeg om een groot deel van Feyenoords achterban in diepe rouw te dompelen. De Kuip is een uniek voetbalstadion, dat wereldwijd bewondering oogst. De constructie met overhangende ringen is tegenwoordig niet meer toegestaan, dus een ‘nieuwe’ Kuip kan nooit meer worden gebouwd.

Is dit nostalgie? Ja, deels wel. Maar ook de feiten spreken voor zich. Memphis Depay, die opgroeide bij PSV, zei vrijdag, na de overwinning van Oranje op wereldkampioen Frankrijk, letterlijk: ‘Ik hou van De Kuip’. En daarin staat hij niet alleen. Vrijwel alle internationals spelen het liefst in het monumentale Feyenoord-stadion, bij welke club ze ook zijn grootgebracht. Want iedereen kent de kracht van De Kuip.

Rondom de wedstrijd Nederland-Frankrijk regende het op Twitter internationale liefdesverklaringen aan het stadion. Toen Feyenoord vorig seizoen uitkwam in de Champions League, was dit niet anders. Elke tegenstander was diep onder de indruk van het overweldigende bouwwerk. Dit gold voor spelers en supporters, maar ook voor journalisten die voor het eerst De Kuip binnenstapten. De Kuip = goud.

In het seizoen 2017-2018 heeft Feyenoord bewezen dat forse groei in het huidige stadion mogelijk is. Met bijna 100 miljoen euro werd een recordomzet geboekt. Terwijl de directies van club en stadion de achterban jarenlang hebben voorgelogen met de fabel dat Feyenoord in De Kuip aan de grenzen van zijn financiële mogelijkheden zit, ging de omzet in één klap met bijna 50 procent omhoog: van 68,7 miljoen in 2016-2017 naar 99,4 miljoen euro in 2017-2018. Dit was met name te danken aan de landstitel en de daaruit voortvloeiende deelname aan de Champions League. Conclusie: als Feyenoord financiële sprongen wil maken, moet het zorgen voor fatsoenlijke sportieve prestaties. Daarvoor is helemaal geen nieuw stadion nodig.

Dan de keuze voor Feyenoord City. Alles wijst erop dat de club hiermee een enorm risico neemt. Terwijl met De Kuip een van de belangrijkste pijlers onder de club wegvalt, wordt gekozen voor een zielloos stadion van dertien-in-een-dozijn. Hoe goed de faciliteiten straks misschien ook zijn, een supportershart gaat hier niet harder van kloppen. Om nog maar te zwijgen over de problemen met de infrastructuur en de wijze waarop dit al dan niet gaat worden opgelost.

Feyenoord onderschat de binding die veel supporters hebben met De Kuip. Seizoenkaarthouders gaan zeker afhaken als de club in een nieuw stadion gaat spelen. Op dit moment al ligt de bezettingsgraad in De Kuip onder de 90 procent. Hoe denkt Feyenoord in een nieuw stadion méér bezoekers te gaan trekken, terwijl de club juist bezig is een groot deel van de huidige achterban steeds meer van zich te vervreemden?

Feyenoord moet er rekening mee houden dat het straks speelt voor halflege tribunes in een veel te groot en veel te duur stadion. Dan komt de club opnieuw in een negatieve spiraal, voor de zoveelste keer. Maar ditmaal zou het weleens onomkeerbaar kunnen zijn. Want wie zijn ziel verkoopt, loopt het risico een stille dood te sterven.

De journalist Boudewijn Warbroek (1963) bezoekt wedstrijden van Feyenoord sinds 1975. Hij werkt als vrijwilliger voor supportersmagazine Hand in Hand en Stadion Sport Nieuws, en schreef mee aan ruim tien boeken over Feyenoord.