De EVB-fractie heeft vragen en opmerkingen bij de kwestie nieuwbouw Ark/Tweemaster. Tijdens de behandeling van de voorjaarsnota in de gemeenteraad op 10 juli 2018, diende de EVB-fractie het
amendement “gecombineerde nieuwbouw Ark/Tweemaster” in. Tijdens het debat over dit amendement, gaf verantwoordelijk wethouder Reshma Roopram aan dat er een locatiestudie bekend is van een gebouw waarin zowel de Ark als de Tweemaster samen zouden kunnen worden gehuisvest. Nu stelt de fractie daarover vragen het stadsbestuur.

Naar aanleiding van deze mededeling heeft de EVB-fractie bij de griffie deze locatiestudie op 23 augustus jl. opgevraagd. Op 3 september heeft de EVB-fractie van de griffie te horen gekregen dat deze locatiestudie niet bestaat.

”Kan het college bevestigen dat de locatiestudie waarnaar wethouder Roopram verwees tijdens de raadsvergadering op 10 juli 2018, niet bestaat c.q. op het moment dat daarnaar werd verwezen, niet bestond?”, zo is de eerste vraag van Echt voor Barendrecht.

Op 12 september jl. ontving EVB informatie dat er wel een zogenaamde ‘volumestudie’ is gemaakt, met daarin opgenomen wat oppervlakte-technisch mogelijk is. En dat diverse aspecten nog moeten worden uitgewerkt, zoals routering (bouw)verkeer, parkeerdruk, bewoners & scholenparticipatie etc. Het publiek maken van de volumestudie acht de verantwoordelijk wethouder ‘geen goed idee’. Zij hoopt ‘dat wij (EVB, red.) hier begrip voor hebben’.

”De EVB-fractie heeft hier geen begrip voor. Wij vinden namelijk dat het hier inlichtingen betreft die van belang zijn voor het goed kunnen uitvoeren van onze raadstaken inzake het dossier nieuwbouw Ark/Tweemaster, dat wij met grote belangstelling volgen”, aldus Echt voor Barendrecht.

”Kan het college motiveren waarom zij het verstrekken van deze tamelijk onschuldig ogende informatie ‘geen goed idee’ vindt en hoe het college die kwalificatie afweegt tegen artikel 169 van
de gemeentewet, waarmee deze opstelling op gespannen voet staat?”, zo luidt de tweede vraag van EVB.

Op donderdag 20 september kwam wethouder Roopram tijdens een fotosessie voor nieuwe raads- en collegeleden ten overstaan van vier EVB-fractieleden proactief terug op deze kwestie. Zij gaf aan zich te hebben vergist t.a.v. de locatiestudie. En meldde verder dat enkele omwonenden bezwaar hebben tegen deze plannen en daarover reeds in de pen zijn geklommen c.q. in discussie zijn met de gemeente. Het openbaar maken van de betreffende documentatie zou vanuit dat oogpunt tot ‘ophef’ kunnen leiden bij deze bewoners. De wethouder gaf aan enerzijds te hechten aan openheid, maar anderzijds te vrezen voor enige onrust bij openbaarmaking. Door de wethouder is onze fractie daarom aangeboden om de betreffende volumestudie in te komen zien, in het bijzijn van een ambtenaar, die dan bovendien nadere toelichting en informatie kan verstrekken over dit dossier.

De fractie van EVB heeft zich beraden in de fractievergadering. ”Wij hebben geconcludeerd dat we deze gang van zaken merkwaardig vinden. We vinden deze handelswijze niet transparant en niet professioneel. Op het betreffende aanbod gaan we dan ook niet in. Sterker nog, het roept bij ons juist vragen op.”

Daarover stelt EVB de volgende vragen:
3. Kan het college deze handelswijze motiveren en daarbij ingaan op de aspecten transparantie, professionaliteit en het instrumentarium dat zij tot haar beschikking heeft, waaronder zaken geheim verklaren?
4. Kan het college motiveren of zij inderdaad, zoals wethouder Roopram beweert en zo ja waarom zij ‘bezwaren van omwonenden’ als een bedreiging zien voor het openbaar maken van in onze ogen vrij onschuldige informatie over een volumestudie van een school?

”De EVB-fractie vindt bezwaren van omwonenden bij dergelijke bouwplannen begrijpelijk. Sterker: wij zijn van mening dat het college deze bezwaren met argumenten en open vizier tegemoet dient te treden.”

Hierover heeft EVB meer vragen gesteld:
5. Hoe verhoudt de handelswijze van deze wethouder c.q. het college, waarbij zij informatie niet openbaar willen verstrekken aan inwoners, zich tot het standpunt dat met de mond en in diverse
media publicaties wordt bepleit waarin het college aangeeft dat men inwoners juist actief, aan de voorkant en met open vizier wenst te betrekken bij plan- en besluitvorming? Het aan hen onthouden van informatie zoals hiervoor geschetst, past daar toch niet bij?
6. Deelt het college de inschatting van de EVB-fractie, dat als er een WOB-verzoek wordt ingediend om deze documenten op te vragen, deze gewoon verstrekt dienen te worden?
7. Kan het college een overzicht verstrekken van de kennelijk ‘bezwaren vanuit de omgeving’ die inmiddels zijn ontvangen, met daarin een korte beschouwing van de inhoud van die bezwaren?
8. We verzoeken het college om zo snel mogelijk en zonder verder dralen de betreffende ‘volumestudie’ aan de gemeenteraad te verstrekken.
9. Kan het college deze schriftelijke vragen uiterlijk 12 oktober beantwoorden?