Het nieuwe college van B en W van Barendrecht zal waarschijnlijk uit zes wethouders bestaan die deels parttime zullen gaan werken. De beoogde kandidaten hiervoor zijn Peter Luijendijk (CDA), Arnoud Proos (SGP/ChristenUnie), Tanja de Jonge (GroenLinks), Reshma Roopram (PvdA), Matthijs van der Welle (VVD) en waarschijnlijk Marcel van Prehn namens D66.

De coalitievorming in Barendrecht nadert na bijna twee maanden haar voltooiing. De zes partijen van het zogenoemde monsterverbond hebben gisteren in het gemeentehuis onder leiding van formateur Piet Boekhoud verder onderhandeld. De verwachting is dat het CDA, SGP/ChristenUnie, VVD, PvdA, GroenLinks en D’66 er de komende week uitkomen. Voor dinsdag staat er een nieuwe afspraak gepland. Over de portefeuilleverdeling tussen de kandidaten is nog weinig bekend.

Op de raadsvergadering van 29 mei moet het akkoord worden gepresenteerd. Het nieuwe college met zes wethouders moet dan in juni worden geïnstalleerd. De coalitie heeft 15 zetels en dat is er één meer dan de grote winnaar van de verkiezingen de EVB, dat straks met 14 zetels de enige oppositiepartij zal zijn.

Barendrecht gaat in de nieuwe raadsperiode van vier naar zes wethouders en dat is een opvallend hoog aantal. De gemeente Rotterdam, met ruim 640.000 inwoners, heeft er bijvoorbeeld maar vijf.

Peter Luijendijk (sinds een jaar als wethouder), Reshma Roopram, Matthijs van der Welle en Marcel van Prehn zitten nu ook al in de Barendrechtse gemeenteraad. Tanja de Jonge is ook een bekende, want zij zat er tot voor kort in. Nieuw is Arnoud Proos. Hij is voorlichter van de SGP in de Tweede Kamer en is woonachtig in Rotterdam en zal naar Barendrecht moeten verhuizen.